Hulp- en vulstoffen

In beton en mortel worden in toenemende mate hulp- en vulstoffen toegepast. 

Vulstoffen (foto CUR)Een vulstof, meestal fijner dan 63 μm, wordt aan beton toegevoegd ter aanvulling van de hoeveelheid fijn materiaal (foto CUR)

 

Hulpstoffen

Meest bekende hulpstoffen zijn de waterreducerende/plastificerende hulpstoffen. Daarmee kan de benodigde hoeveelheid water in het mengselontwerp worden verminderd, of de verwerkbaarheid worden verbeterd. Met luchtbelvormers worden kleine luchtbelletjes ingebracht waardoor de vorstbestandheid kan worden verbeterd. Ook hulpstoffen die de binding vertragen of de verwerkingsduur verlengen, worden regelmatig toegepast. 

 

Vulstoffen

Een vulstof is een vrijwel inerte dan wel puzzolane stof, meestal fijner dan 63 μm, die aan beton wordt toegevoegd ter aanvulling van de hoeveelheid fijn materiaal of vanwege de bijdrage aan de sterkteontwikkeling.  Meestal wordt poederkoolvliegas toegepast.

 

Vulstoffen kunnen in twee groepen worden ingedeeld:

  • inerte vulstoffen (aangeduid als type I). Deze kunnen worden beschouwd als zeer fijn toeslagmateriaal. Voorbeelden hiervan zijn kalksteenmeel en kwartsmeel. Kleurstoffen worden beschouwd als inerte vulstof.
  • vulstoffen met een bindmiddelfunctie (aangeduid als type II). Onder bepaalde voorwaarden is het toegestaan deze vulstoffen een bindmiddelbijdrage toe te kennen. Ze kunnen dan een deel van het cement vervangen. Vulstoffen met een bindmiddelfunctie zijn bijvoorbeeld poederkoolvliegas en silica fume.