'
:'';}
self.CSSDebugging=function(){if(self.CSSDebugger){self.CSSDebugger.parentNode.removeChild(self.CSSDebugger);self.CSSDebugger=0;return;}var x=document.createElement('DIV');x.style.position='absolute';x.style.backgroundColor='#f1eded';x.style.border='1px solid #919191';x.style.top='2px';x.style.right='2px';x.style.height='15px';x.style.color='black';x.style.zIndex=999;x.style.fontFamily='Tahoma';x.style.fontSize='9px';self.CSSDebugger=document.body.appendChild(x);var f=function(e){e=e?e:window.event;e=e.target?e.target:e.srcElement;if(e)self.CSSDebugger.innerHTML=(e.className==''?' ':(' CssClass: '+e.className))+(e.id==''?'':(' ID: '+e.id))+' ';};self.AddEvent('mousemove',document.body,f);};
self.DebugXML=function(){var x=self.Retrieve('../project.xml').responseXML;if(x){var f=function(){CCL.Warn('Project XML','',x);};if(CCL.Loaded)CCL.LoadClass('XML',f);else self.Init('XML', f);}};
self.AddEvent('load',window,function(){self.AddEvent('keyup',self.IE?document.body:window,function(e){e=e?e:window.event;if(e.ctrlKey&&e.keyCode==118)CCL.CSSDebugging();else if(e.ctrlKey&&e.keyCode==119)CCL.DebugXML();else if(e.ctrlKey&&e.keyCode==120)CCL.Firebug();});});
self.Firebug=function(){var h=document.getElementsByTagName('html');h[0].setAttribute('debug','true');if(!$$('_fb')){var q=document.createElement('SCRIPT');q.setAttribute('id','_fb');q.setAttribute('src','/_public/firebug/firebug.js');$T0('body').appendChild(q);void(q);}else{void(window.console.open());}};
self.SIFR=function(p1,p2,p3,p4,p5,p6,p7,p8,p9,p10,p11,p12,p13){if(!self.SIFRLoaded){self.CreateCSS('/_public/sifr/sIFR-screen.css');self.CreateCSS('/_public/sifr/sIFR-print.css', 'print');self.CreateJS('/_public/sifr/sifrccl.js',function(){self.SIFRLoaded=true;self.SIFR(p1,p2,p3,p4,p5,p6,p7,p8,p9,p10,p11,p12,p13);});}else if(typeof sIFR=='function'){sIFR.replaceElement(p1,'/'+'_public'+'/'+'sifr'+'/'+p2+'.swf',p3,p4,p5,p6,p7,p8,p9,p10,p11,p12,p13);}};
self.SetClasses=function(){var c=self.DE.className;c+=' js';c+=(self.IE?' ie ie'+self.IEVersion:'');c+=(self.Safari?' safari safari'+self.SafariVersion:'');c+=(self.Firefox?' firefox':'');c+=(self.Nokia?' nokia':'');c+=(self.Opera?' opera':'');self.DE.className=c.replace(/^ +/,'');};self.SetClasses();
}
window.CCL = new CCL(); //]]>
ONGEBONDEN FUNDERINGEN
Veel wegfunderingen bestaan uit ongebonden korrelig materiaal. Het kan zijn hoogovenslak, gebroken beton of metselwerkgranulaat. De lagen bezitten meestal een behoorlijke dikte, wat samenhangt met de zogenaamde vorstvrije aanleg. Normaal gesproken worden de funderingslagen verdicht en vlak afgewerkt, daarmee een goede basis vormend voor de op te brengen verharding.
In sommige gevallen is een ongebonden fundering onvoldoende uit oogpunt van belastingen of maximale hoogte. Dan worden andere oplossingen toegepast.
GEBONDEN FUNDERINGEN
Cement kan worden toegepast om funderingsmaterialen te binden. Voorbeelden zijn schraalbeton, zandcement en cementgebonden granulaten; teervrij asfaltgranulaat, betongranulaat, metselwerkgranulaat enz.
Cement kan ervoor zorgen dat verontreinigde stoffen duurzaam worden vastgelegd (immobiliseren) in bouwstoffen. Daarbij is het Bouwstoffenbesluit van toepassing.
Het mengen van het funderingsmateriaal gebeurt in een molen (in plant) of door de materialen eerst uit te spreiden en ter plaatse te mengen met cement en het mengsel vervolgens te verdichten (in situ).
SCHUIMBETON
Schuimbeton heeft dankzij een variabele dosering een – instelbare - volumieke massa die ligt tussen 400 en 1600 kilo per kubieke meter. Schuimbeton gebruiken we voor wegen op slappe, samendrukbare ondergronden. Het materiaal wordt als vloeibaar (plastisch) in het cunet gebracht en is ‘zelfnivellerend’. De hoge productiesnelheid verlaagt de bouwtijd. Het geringe gewicht voorkomt zettingschade en beperkt het onderhoud.
 | |
Schuimbeton |
A3DFp4aClmyzxT4PcAuHLzhoxfHxdqEzM0I0vokejF0%3D